Geschatte leestijd - 3 minuten

Een licentie voor gebruik van een AI-model is geen resultaat. Dat is de kortste samenvatting van wat McKinsey, Deloitte, KPMG en EY dit najaar over AI schrijven. Vier adviesbureaus, vier invalshoeken en één conclusie: de vraag is niet meer welke AI je gebruikt, maar wat het oplevert. Ik heb de vier rapporten naast elkaar gelegd in de long read Van AI-adoptie naar AI-vermogen. Hier mijn bevindingen.

Toegang tot AI is nog geen waarde

Steeds meer medewerkers hebben toegang tot AI-tools. Dat zegt weinig. Toegang is geen gebruik, gebruik is geen productiviteit en productiviteit is geen omzet. Toch meten de meeste organisaties aan het begin van die keten. Hoeveel licenties, hoeveel gebruikers, hoeveel pilots. Het zijn cijfers over activiteit, niet over opbrengst. Volgens KPMG zet slechts 12% van de organisaties de waarde van AI consequent af tegen de kosten.

De rest weet wat AI kost, maar niet wat ze oplevert. Geen wonder dat zeven van de tien AI-projecten in 2028 sneuvelen. Het is ook de vraag achter Wanneer barst de AI-bubbel?

Tijdwinst verdampt als niemand haar een bestemming geeft

Het belangrijkste inzicht komt van EY. Productiviteit creëert capaciteit, maar capaciteit creëert niet vanzelf waarde. Neem een medewerker die een taak dankzij AI in zes uur doet in plaats van tien. Er zijn vier uur vrijgekomen. Economisch is er dan nog niets gebeurd. De vraag is wat de organisatie met die vier uur doet.

Zonder keuze vullen vergaderingen, controles en administratie het gat. De winst is weg voordat iemand haar heeft gezien. Dan geldt wat ik eerder schreef: meer AI-tools maken je organisatie niet sneller en AI maakt werk niet lichter, maar zwaarder. De ontbrekende schakel heet bewuste herallocatie: vooraf bepalen waar de vrijgekomen tijd naartoe gaat. Naar meer klanten, betere dienstverlening of snellere innovatie.

Dat is geen vraag voor IT. Dat is een vraag voor de CEO.

Het model kun je huren, de organisatie eromheen niet

De meeste organisaties plakken AI op een bestaand proces. De nieuwsbrief is sneller af, het rapport ook. Het werk zelf blijft hetzelfde. Deloitte en EY wijzen naar de volgende stap: het proces opnieuw ontwerpen rond mens en AI. KPMG laat zien wat daarvoor nodig is. Van de onderzochte organisaties heeft 55% een formele managementlaag rond AI. Bij organisaties die aantoonbaar rendement halen, is dat 86%.

Het verschil zit dus niet in het model. Het zit in de besturing eromheen. Ik schreef het eerder: AI-adoptie strandt op regie, niet op techniek. Daarom noem ik het Business Acceleration Framework het besturingssysteem van je organisatie.

Een concurrent koopt morgen dezelfde modellen en dezelfde assistenten. Wat hij niet kan kopen, zijn jouw data, jouw klantrelaties en jouw werkwijze. Dat is de kern van de relatie-economie. Daar hoort ook de volgorde bij uit het ABCD-principe: AI versnelt wat er al ligt. Ligt er geen fundament, dan versnelt AI de rommel.

2026 is het overgangsjaar van adoptie naar bedrijfsvoering

In 2022 ontdekten organisaties wat generatieve AI kon. 2024 stond in het teken van adoptie. In 2026 verschuift het gesprek naar opschalen en herontwerpen. Ik verwacht dat de rekensom van kosten en waarde vanaf 2027 het debat bepaalt.

Niet iedereen loopt even hard. Volgens Deloitte zet 37% van de organisaties AI nog oppervlakkig in, terwijl 34% al werkt aan verandering van processen, producten of businessmodellen. De kloof tussen die twee groepen wordt de komende jaren groter. Wie wil bijblijven, moet weten dat de vaardigheid van 2030 niet AI is.

AI wordt pas digitaal vermogen als de waarde structureel is

De adviesbureaus gebruiken de term niet, maar ik herken hier digitaal vermogen. Een database is geen vermogen. Een AI-model ook niet. Het wordt pas vermogen wanneer het structureel bijdraagt aan toekomstige kasstromen. Dezelfde redenering volg ik bij data op de balans.

AI is daarbij het middel. Digitaal vermogen is wat een organisatie structureel overhoudt wanneer zij AI, data, processen en menselijke kennis herhaalbaar omzet in economische waarde. In de long read noem ik dat AI-vermogen. Het is geen nieuw soort vermogen. Het is digitaal vermogen dat met AI is opgebouwd. Een geslaagde pilot is geen digitaal vermogen. Eén medewerker die handig is met een taalmodel ook niet. Pas wanneer je het kunt herhalen, opschalen en besturen, wordt AI een middel om doelstellingen te behalen.

Drie vragen voor je volgende directievergadering:

  1. Wat kost onze volledige inzet van AI en wat levert die op?
  2. Welke capaciteit komt vrij en waar gaat die naartoe?
  3. Kunnen wij het resultaat herhalen?

De winnaar is niet de onderneming met de meeste AI. De winnaar is de onderneming die AI het beste weet om te zetten in digitaal vermogen.

Er is werk aan de winkel.

LEES OOK: Van AI-adoptie naar AI-vermogen

JOUW DIGITAAL VERMOGEN LATEN GROEIEN? Gebruik het ABCD-principe! Lees hier meer ... Heb je vragen over digitale strategie en transformatie? Chat hier met de Denis Doeland | Virtuele Assistent. Direct contact nodig over jouw strategie en transformatie? Kijk hier …


Ontdek meer van Digitaal Vermogen

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Denis Doeland http://denisdoeland.com

Slashie: Author, Blogger, Maven, Disruptor, Numerati and Transformer. Passion for IP/Data/Tech/Internet/Social Media and what's next ...

Wellicht vind je dit ook leuk

Meer door Denis Doeland

+ Er zijn geen reacties

Plaats jouw reactie