The New York Times

Achtergrond: The New York Times koploper digitale transformatie

Geschatte leestijd - 6 minuten

In 2011 schreef ik het volgende: “toegang tot digitale content en dienstverlening op internet zijn inmiddels het fundament van toekomstige verdienmodellen voor iedereen die met de exploitatie van content bezig is. Dat betekent voor uitgeverijen dat de verkoop van fysieke producten aan lezers aan belang zal afnemen. De nadruk bij de moderne, digitale lezers, zoals dat inmiddels ook zichtbaar is bij luisteraars van muziek, ligt minder op bezit dan in het tijdperk van het fysieke product.”

“Bezit maakt plaats voor beschikbaarheid, belevenis, gebruik, gemak en service. Oftewel: bezit maakt plaats voor toegang.” Dat vergezicht werd destijds door veel uitgeverijen met argusogen bekeken, al is er een uitgeverij die heil zag (en ziet) in de transformatie van bezit naar toegang. The New York Times gooide op tijd zijn angst overboord en gaat dan ook voorop in de digitale transformatie.

Crowding out effect

In ons boek vanAnaloognaarDigitaal.nu verklaarden we de volgende ontwikkeling: uitgeverijen hebben te maken met een financieel ‘crowding out’ effect. Dit is de angst dat een nieuw type (en dus niet-vertrouwde) investeringen de afbouw initiëren van oude (en dus vertrouwde) investeringen. In dit geval: de angst dat lezers niet meer zullen betalen voor content zal geheel overboord gegooid moeten worden, willen nieuwe verdienmodellen ontwikkeld kunnen worden.

Het openbaren van de content via de digitale weg zal er namelijk alleen maar toe leiden dat het aantal connecties met lezers zal toenemen. Er ontstaan additionele en nieuwe geldstromen uit data voor uitgeverijen. Daarbij worden uitgeverijen verrijkt met waardevolle data. Zoals al eerder gesteld: wat opgaat voor een uitgever, gaat eigenlijk ook op voor elke ander type uitgeverij, zoals die van boeken, kranten of tijdschriften. Het opslaan en benutten van de gegenereerde data daarbij is gevonden geld voor een uitgeverij.

Angst overboord

The New York Times is zo’n uitgeverij die zijn angst vroegtijdig overboord gooide. In 2011 lanceerde The New York Times als een van de eerste uitgevers ter wereld digitale abonnementen. Eerst kregen Canadese lezers te maken met de nieuwe paywall: zij werden gebruikt als proefkonijn om de laatste details te fine-tunen voor de wereldwijde lancering. Daarna konden alle lezers slechts 20 artikelen per maand gratis lezen. Wilden ze nog meer artikelen lezen, dan moest er betaald worden. Het topnieuws-gedeelte van ieder onderwerp bleef toendertijd wel gratis.

Volgens de Amerikaanse uitgever waren de digitale abonnementen noodzakelijk om de kwaliteitsjournalistiek te blijven leveren op ieder platform waarop de krant aanwezig was en is. The New York Times was een van de eerste grote kranten die met een paywall, een betaalmuur, ging werken. De Wall Street Journal en de Financial Times gingen hen voor, maar die kranten zijn toch meer te zien als niche en special interest-partijen. In Engeland gingen eerder dat jaar The Times of London en de Sunday Times of London volledig achter een betaalmuur. Het crowding out effect werd meteen zichtbaar. Het aantal unieke bezoekers daalde van 20 miljoen naar iets meer dan 100.000. Er werden ongeveer 54.000 digitale abonnementen verkocht.

Kinderziektes

De betaalmuur van The New York Times bleek in het begin allesbehalve waterdicht. De tot dan 40 tot 50 miljoen dollar kostende paywall van The New York Times was zo lek als een mandje. Met vier regels code was het destijds mogelijk om de slagboom van de krant te omzeilen. Ook bleek het verwijderen van een deel van de url je al gratis toegang tot de site van de krant te geven.

Het effect van de paywall op het totaal aantal pageviews was een stuk groter. De gevolgen van het feit dat een bezoeker maar 20 artikelen per maand mag lezen werden snel duidelijk. De eerste 12 dagen na het lanceren van de paywall leverde verliezen op. Het aantal pageviews daalde met zo’n 11 tot 30 procent.

Dat was opvallend, want de betaalmuur kon destijds ook nog steeds omzeild worden door de site van The New York Times te bezoeken via zoekmachines als Google en sociale netwerken als Facebook en Twitter. Ondanks dat de bezoeker op die manier nog steeds niet hoefden te betalen voor toegang tot de site, steeg het verkeer vanuit die social media- en zoekmachine-kanalen nog nauwelijks. Toch zag men na 2 jaar al positieve voortgang (zie onderstaande grafieken).

De ervaringen van The New York Times waren van belang voor de hele krantenindustrie. Als het de New Yorkse krant immers zou lukken om een gezond businessmodel te ontwikkelen, dan zouden kranten overal ter wereld hier een voorbeeld aan kunnen nemen. De krant liet zich niet uit het veld slaan door de kinderziektes en het crowding out effect. In 2016 zette de krant (vijf jaar na het optrekken van de betaalmuur) zelfs de poorten tijdelijk open voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Een stap die absoluut niet onbeloond bleef.

—–

The New York Times—–

De cijfers

The New York Times Company wist recent wederom een belangrijke abonnee groei te rapporteren. Het voegde 157.000 digital-only abonnementen toe in het vierde kwartaal van 2017. Hierdoor komen de totale abonnementen-inkomsten van 2017 op meer dan 1 miljard dollar uit.

De inkomsten uit abonnementen zijn nu goed voor 60 procent van de totale omzet van het bedrijf. De abonnementen-inkomsten stegen het laatste kwartaal met negentien procent. De totale jaaromzet van het bedrijf steeg met acht procent, tot 1,7 miljard dollar. Hiervan werd 484 miljoen dollar in het vierde kwartaal gerealiseerd.

“We zijn blij met het tempo van de groei en in het bijzonder blij te zien dat de grote groep nieuwe abonnees die The Times eind vorig jaar wisten te vinden, hun abonnementen voortzetten”, zei Mark Thompson, President en Chief Executive Officer van de krant, in een verklaring. Hiermee verwijst hij naar de groei van het aantal abonnementen dat The New York Times realiseerde rond de presidentsverkiezingen van 2016.

The Times Company heeft nu meer dan 2,6 miljoen digital-only abonnementen. De omzet van het digital-only abonnement steeg 46 procent in 2017, tot 340 miljoen dollar. 51 procent daarvan, dus zo’n 96 miljoen dollar, werd in het laatste kwartaal gerealiseerd.

De digitale reclame-inkomsten stegen vorig jaar met veertien procent, naar 238 miljoen dollar. In de laatste drie maanden van het jaar stegen de digitale reclame-inkomsten met negen procent, naar 84 miljoen dollar. Met meer dan 600 miljoen dollar aan digitale omzet in 2017 komt het bedrijf steeds dichter bij het bereiken van zijn doelstelling: 800 miljoen dollar aan digitale omzet in 2020.

Wel uitdagingen

The New York Times heeft echter wel uitdagingen, vooral als het aankomt op ‘de papieren reclame’:

  • In 2017 daalden de gedrukte reclame-inkomsten met veertien procent;
  • De papieren reclame-inkomsten daalde in het vierde kwartaal met acht procent;
  • De totale advertentie-inkomsten daalde het afgelopen jaar met 4 procent;
  • De advertentie-inkomsten voor het laatste kwartaal daalde met 1 procent

Het traditionele verdienmodel van de Amerikaanse lijkt dus aan het kortste eind te gaan trekken. Het laatste kwartaal van 2017 werd dan ook gekenmerkt door een significante verandering in de krant. De voormalige uitgever, Arthur Sulzberger Jr., zei dat het overdragen van de leiding aan zijn zoon, Arthur Gregg Sulzberger, heeft bijgedragen aan die verandering. Het bedrijf realiseerde naast de groei van haar nieuwe verdienmodellen ook vernieuwingen in haar newsroom: de redactionele medewerkers kwamen dichter bij elkaar te zitten, door ze op minder verdiepingen te laten werken.

—–

Deze diashow vereist JavaScript.

—–

Nederlandse kranten

De Nederlandse kranten wachtten de ontwikkelingen rondom de betaalmuur van de Amerikaanse krant in eerste instantie af. Pas drie à vier jaar na The New York Times volgen Nederlandse kranten met hun betaalmuren. Betalen voor online nieuws is vandaag de dag geen uitzondering meer. Papieren tijdschriften en kranten hebben hun betaalmuren, betaalde sites en apps met premium content. Inmiddels hebben we vele nieuwe nieuws-producten, zoals Blendle, Paper en Topics. Denk ook aan en platformen als De Correspondent en The Post Online.

Vrijwel alle landelijke dagbladen, evenals een groot deel van de regionale dagbladen, kennen naast een digitale versie van de papieren krant ook vormen van (premium) content. Het betreft veelal langere artikelen waarvan de lead als ‘trekker’ op de website wordt geplaatst, waarna het artikel voorzien wordt van een ‘slot’. Voor men de artikelen verder kan lezen, moet de lezer eerst afrekenen.

Digitale abonnementen blijven stijgen

De digitale oplage van de kranten steeg in 2016 met 26 procent, naar 377.125. De Volkskrant is in dit geval het grootst, met 88.535 digitale abonnementen, gevolgd door NRC (65.986), De Telegraaf (43.636), AD (34.020) en het FD (29.787). De oplage van alle Nederlandse digitale kranten samen liggen eind 2017 rond de 450.000 exemplaren. Het aantal digitale krantenabonnementen stijgt flink: tussen 2015 en 2016 steeg de oplage van digitale kranten met een kwart. Bij de papieren krant is juist een omgekeerde trend te zien.

Als we de cijfers van The New York Times, andere Amerikaanse kranten en de Nederlandse kranten in acht nemen, dan is het duidelijk dat papier zijn langste tijd heeft gehad. De nieuwsconsumptie-cijfers van het Reuters Institute for the Study of Journalism laat zien dat dit verschuiving op wereldwijde schaal is: nieuwsconsumptie wordt steeds meer digitaal. Er is geen weg terug.

—–

Nieuwsconsumptie - Statista

—–

Tijdig inrichten van het ecosysteem

Uitgeverijen die hun internetlandschap tijdig inrichten en daarmee hun eigen ecosysteem beheersen binnen het gehele internetecosysteem, zullen in de nabije toekomst meer directe en indirecte waarde (oftewel digitaal vermogen) opleveren. Niet alleen omdat de traceerbaarheid en Return on Investment van hun marketing hoger zal liggen dan van bedrijven die nog aan offline marketing doen, maar ook omdat deze bedrijven, al dan niet bewust, direct toegang krijgen tot de lezersmarkt.

Het wordt tijd dat The New York Times, maar ook de Nederlandse uitgevers van kranten, hun business ecosysteem anders gaan waarderen. Bij de nieuwe wijze van waarderen, het toevoegen van digitaal vermogen, hoort ook een andere aanpak. Veel meer dan voorheen moet men focussen op verzamelingen en mutaties van data, die voortkomt uit aan elkaar gelinkte netwerken, diensten, applicaties en (eigen) systemen. Daarnaast dienen alle gegevens in kaart te worden gebracht.

Volgen dynamische spelregels

Laten we tot slot niet vergeten dat uitgeverijen de ‘dynamische’ spelregels van het internet moeten volgen. Niet alleen de opzet van een goed eigen ecosysteem en het gebruik van alle mogelijke beschikbare diensten of app stores levert resultaat op. Ook het maken van de daadwerkelijke connectie en het voeren van de dialoog met de lezer vormen een essentieel onderdeel van het resultaat. Uitgeverijen met de juiste digitale strategie (die gebaseerd zou moeten zijn op het verwerven van een plek binnen het internetecosysteem en het aangaan van de relatie met hun lezers) en die hun processen naadloos op elkaar aan laten sluiten, zullen de concurrentiestrijd winnen.

De uitgeverij die zorgt dat de lezer de optimale beleving heeft, die bij elk afzonderlijk kanaal hoort, zal optimaal van deze ontwikkelingen profiteren. The New York Times lijkt in elk geval goed op weg te zijn haar digitale vermogen veilig te stellen. De indrukwekkende resultaten bieden de Nederlandse uitgevers hopelijk inspiratie om het New Yorkse voorbeeld te volgen.

Ook relevant

—–

Bekijk ook

—–

Check ook

Boeken Denis Doeland

Liever een gratis eBook? Check ook vanAnaloognaarDigitaal.nu en EDMendedigitalewereld.nl

supporters of Denis Doeland

Update vanAnaloognaarDigitaal

Update: Het veranderde businessmodel van de muziekindustrie en haar kansen

Muziek verbindt en kan als geen ander mensen en emoties bewegen. De kracht van muziek verandert niet. De behoefte aan muziek ook niet. De muziekindustrie verandert echter wel in een bijzonder rap tempo. Als er ergens een ‘disruptieve’ oftewel een ontwrichtende ontwikkeling gaande is, dan is het wel in de muziekindustrie. We staan aan de vooravond van de derde ‘disruptieve’ periode.

Bezit maakt plaats voor toegang. De muziekindustrie gaat van fysiek product naar downloads en naar streaming. Fans krijgen hiermee toegang tot catalogi en nieuwe en reeds bestaande liedjes. het bezitten van muziek lijkt hiermee definitief aan zijn einde te gaan komen.

Iedereen die in de muziekindustrie werkzaam is, maar ook diegenen die werkzaam zijn in andere industrieën of branches waar hetzelfde kan gebeuren (en inmiddels ook al aan het gebeuren is), zouden de moeite moeten nemen om dit hoofdstuk te lezen en te bestuderen. Je zal zien dat het de moeite loont.

Het hoofdstuk uit het boek ‘vanAnaloognaarDigitaal.nu’ is inmiddels aangepast met nieuwe cijfers en aanvullende inzichten.

Liever downloaden? Download apart het aangepaste hoofdstuk

Het hele boek downloaden? Download hier het hele boek

boekdrukkunst

Achtergrond: Als schrijver ben je data

De gevolgen van digitale disruptie zijn groot. Vaak zijn het nieuwkomers die door slim gebruik te maken van nieuwe digitale mogelijkheden een markt volledig op zijn kop zetten. Er ontkomt op lange termijn geen enkele branche aan. Dat schrijft Ger Hofstee, co-auteur van ons boek ‘vanAnaloognaarDigitaal.nu’, in een blogpost over zijn eigen nieuwe boek ‘de disruptieve kracht van digitalisering’. Het fenomeen waarbij menig uitgever met de handen in het haar zit of zelfs nog in de ontkenningsfase verkeert. Daarom een handreiking om uitgevers en schrijvers verder op weg te helpen met de digitale transitie.

Uitgever Joost Nijsen stelt enkele tijd geleden op het blog van zijn uitgeverij Podium het volgende: ‘Moeten we niet als branche illegale downloaders opkopen in plaats van ze te bestrijden, en heel snel heel collectief gaan optrekken in het digitale leesverkeer, teneinde aan het roer te blijven? Moeten we wel blijven leveren, tegen grote kortingen, aan de Albert Heijnen van deze wereld, ten koste van de moedige boekhandels (al hebben wij dan tenminste nog een vaste prijs)? Moeten we wel toewerken naar een Spotify voor boeken als je ziet hoe weinig geld er straks te verdelen valt? Moeten we ónze ‘emotionele producten’ niet vooral heel hoogwaardig en mooi blijven uitvoeren en classy distribueren? Moeten we wel zoveel boeken weggeven aan inkopers, media en consumenten, met het risico dat ook het boek ervaren gaat worden als ‘waarde-loos’ product?’

Nijsen vervolgt: ‘Ik ben zeker niet de eerste die deze vragen opwerpt. Ook ik ben inzake het digitale lezen vaker defensief geweest dan offensief. Ook ik heb me laten vermurwen grote retailers op de eerste rij te zetten. Maar we kunnen als branche nog bijsturen, als we de handen ineenslaan en niet zomaar opgeven dat we voor de auteurs en onszelf voldoende kunnen verdienen om ons werk te blijven doen. Werk dat nobel is, maar ons ook moet voeden.’ Dat Nijsen niet de meest offensieve uitgever is bleek al medio 2011 uit een column op #D2W. Het lijkt er op dat Nijsen bijna 3 jaar na dato nog steeds in de ontkennende fase zit. De wereld is toch echt aan het veranderen en de inhoud van boeken zullen we op termijn niet meer vanaf papier tot ons nemen.

Iemand in de directe omgeving van Nijsen die zich wel goed beseft dat de wereld aan het veranderen is, is schrijver Kluun. Nota bene auteur bij Podium. Hij schrijft onlangs in zijn column in de Volkskrant: ‘Collega’s, uitgevers, boekverkopers, literatuurliefhebbers, wen er maar aan: een deel van de bestaande boekwinkels is eenzelfde lot beschoren als platenwinkels, videotheken en reisbureaus. Over een paar jaar zijn er in grote steden nog een paar Bruna’s en AKO’s, waar je terecht kunt voor een boek uit de bestseller-top tien, paperclips en Staatsloten. En in grote steden zullen er enkele  onafhankelijke boekwinkel blijven bestaan, bemand door apostelen van de literatuur. Winkels met een hoge gunfactor en een onomstotelijke toegevoegde waarde op internetsites. Voor een beperkte groep literatuurliefhebbers.’

Het is een positief gegeven dat een schrijver van het kaliber Kluun in ieder geval de transitie naar de digitale wereld herkent en erkent. Toch moet er in het land van schrijvers en uitgevers nog wel wat gebeuren om de transitie van analoog naar digitaal te maken.

De paper ‘Als schrijver ben je data’ geeft uitgevers en auteurs een handreiking voor een digitale transitie. Lees onderstaand meer of download hier de paper of via onderstaande links.

Strategie

Presentatie: Jouw digitale strategie

Het internet is eigenlijk een ecosysteem op zichzelf met daarbinnen duizenden ecosystemen van gemeenschappen, die on-line verbonden zijn, gevormd door eindgebruikers, klanten, fans, ontwikkelaars, leveranciers en distributeurs. Zij gebruiken elkaars sterke punten, vullen aan en versterken elkaar, om samen waarde te creëren voor andere eindgebruikers als klanten en fans.

Als bedrijf, organisatie of merk maak je deel uit van het gehele ‘internetecosysteem’ en van je eigen systeem. Waarbinnen je meer kans wil maken op omarming door de eindgebruiker oftewel de toekomstige fan of klant. Daarbinnen leer je als bedrijf, organisatie of merk snel te beseffen dat je moet bestaan uit content (intellectueel eigendom) en dat je functionaliteit aanbiedt en ook data bent.

De content wordt gedistribueerd via de diverse gebruikersinterfaces, de gebruikerslagen, van het web, de sociale kanalen, de (mobiele) app’s en de ‘open API’s’ oftewel interfaces waar ontwikkelaars zelf functionaliteiten op kunnen ontwikkelen.

Het is daarom nu tijd om een strategie te bepalen. Maak keuzes welke groepen je wilt bedienen, hoe en met wie je wilt samenwerken en selecteer de ecosystemen waar je in aanwezig wil zijn. Ontwikkel passende producten, (nieuwe) on-line diensten en verleidingstactieken. Dit vraagt om de nodige creativiteit. Laat je inspireren door de inventiviteit van de natuur. Bedenk een business model waarmee je de leiding neemt in het ecosysteem ten opzichte van concurrenten of andere marktpartijen, stimuleer jouw organisatie in het bereiken en behouden van (nieuwe) fans en klanten.

Een heel belangrijk verschil is dat die partijen met een goede strategie, die gebaseerd is op een plek binnen het ecosysteem, haar processen naadloos op elkaar aan kunnen laten sluiten en daarmee hun voordeel doen. De partij, die zorgt dat de fan of klant de optimale beleving, die bij elk afzonderlijk kanaal hoort, heeft zal daarvan optimaal profiteren.

Onderstaande presentatie schetst een mooi overzicht van de stand van zaken. Klik op de afbeelding.

Jouw digitale strategie

Lees ook

Boeken

Geld gevonden voor uitgevers

In 2012 werden er in Nederland beduidend minder boeken verkocht dan een jaar eerder. De totale omzet daalde met 6,3 procent naar 557 miljoen euro (inclusief de verkoop van de digitale formaten). Deze omzet werd gerealiseerd met 44,7 miljoen verkochte exemplaren. Zonder de verkoop van digitale boeken, was de omzetdaling 7,3 procent. De omzet van digitale boeken bedraagt nu ongeveer 2,2 procent van de totale markt, zo maakte de stichting CPNB bekend. Een jaar eerder was dit aandeel nog 1,2 procent.

Uitgeverijen, alsmede de aan hen gelieerde schrijvers staan aan de vooravond van een grote verandering, waarin nieuwe businessmodellen en digitale producten een uitermate belangrijke rol zullen gaan spelen. Dit vinden de meeste uitgevers, inclusief de bovenstaande overigens zelf van niet, maar vooruit we delen het nog maar een keer … Digitalisering, internet, introductie van nieuwe apparaten en nieuwe consumentenvoorkeuren bedreigen traditionele uitgeverijen. Ze krijgen te maken met meer en nieuwe concurrentie en verlies van grip op doelgroepen en content.

Na het lezen van dit onderstaande hoofdstuk uit ‘vanAnaloognaarDigitaal.nu‘ worden uitgevers hopelijk weer wat enthousiaster over de digitale mogelijkheden. De angst dat lezers niet meer zullen betalen voor boeken zal geheel overboord gegooid dienen te worden. Het openbaren via de digitale weg van de gehele catalogus zal er alleen maar toe leiden dat het aantal connecties met lezers zullen gaan toenemen. Er ontstaan additionele en nieuwe geldstromen voor uitgeverijen. Tevens worden uitgeverijen verrijkt met waardevolle data.

Lees ook

vanAnaloognaarDigitaal.nu

Uitgelicht: vanAnaloognaarDigitaal.nu

Voor het eerst in de geschiedenis heeft een hoog gerechtshof in Duitsland geoordeeld dat toegang hebben tot het internet tot de eerste levensbehoefte van mensen behoort. Dus als providers in gebreke blijven, bijvoorbeeld als de verbinding bij hun klanten uitvalt, dan moeten zij de klant voor dit gemis compenseren. Stel je voor: ‘internet is nu net zo belangrijk als eten, kleding en veiligheid’. Deze uitspraak zal ongetwijfeld in Europa navolging vinden en zal tegelijkertijd ook voor content leveranciers gevolgen krijgen. Dit is het signaal dat de transitie ‘van analoog naar digitaal’ in de maatschappij is ingedaald; het internet draait nu echt op volle toeren.

Als je of jouw bedrijf in jouw ecosysteem nog niet door deze ontwikkelingen bent aangeraakt, dan heb je grote kans dat je achterloopt in jouw economische en maatschappelijke ontwikkeling. Dit e-book dat dit najaar zal verschijnen is dan ook bedoelt om managers, professionals en studenten, in onze op volle toeren draaiende internet wereld, hierop te attenderen.

Je bevindt je midden in de ‘digitale verandering’: van analoog naar digitaal. Oude business modellen werken niet meer, je wordt door dit e-book geholpen in de uitdaging om nieuwe business modellen te bedenken. In elk ecosysteem wordt, naast kennis van digitale culturen op het web,  het ‘outside in’ denken (zoals ‘social listening’) steeds belangrijker; gevolgd door diepgaande kennis van jouw bedrijfskundige business model. Dit e-book geeft je ‘als het goed is’, handvaten om zo‘n nieuw digitaal business model te kunnen ontwikkelen.

Lees ook